Camargue

door Fabiënne Gommers

Het Camargue paard.
 
Het lijkt sterk op de paarden die afgebeeld zijn in de grotschilderingen van Lascaux uit 15.000 voor Christus. Bovendien zou het heel goed kunnen dat de nog oudere skeletten van paarden die opgegraven zijn in de Solutre in Zuidoost-Frankrijk behoren aan een van de voorouders van de Camargue paarden.
Het Camargue paard komt van oorsprong voor in de  Rhone-delta in de Camargue. Ze leven daar in kuddes met wilde paarden bij elkaar ze delen dit gebied met de zwarte stieren en de flamingo's en nog een aantal watervogels. De kuddes waar ze in leven worden ook wel manades genoemd.
Elk jaar worden de kuddes bijeengedreven om de veulens te merken en de ongeschikte dekhengsten te castreren zodat het paard zijn goede kwaliteiten blijft behouden en er altijd met de beste paarden gefokt wordt. Het paard draagt ook het bloed van aziatische en mongoolse rijpaarden die in de achtiende eeuw naar het zuiden van Frankrijk trokken. Het Camargue paard werd pas in 1968 officieel erkend. Na die tijd is er dan ook een vereniging opgericht door fokkers die toezicht houden op de hengsten.
In de loop van de tijd is het ras ook gekruist met Iberisch, Berbers en Oriëntaals bloed.
Ondanks die kruisingen heeft het Camargue paard nog steeds zijn primitieve kenmerken behouden.

Het Rhone-delta gebied is een moerasland, waar deze sterke paardjes met zekere tred doorheen lopen, Dankzij jaren leven in dit gebied hebben de paarden zich sterk kunnen ontwikkelen. zo kunnen ze bijv hun neusgaten afsluiten voor water, wanneer de snuit in het water is.
Het is een kleine sterke pony die met gemak een volwassen man kan dragen. Hij heeft korte vlakke gangen die op ieder terrein weer tot zijn recht komen. Doordat de Camargue al jaren zij aan zij leeft met de zwarte stieren in het Rhone-delta gebied zijn zij uitstekend geschikt voor het veehouders werk. Immers hoeden zij over de stieren zoals een herder over zijn schapen. Over het algemeen is een Camargue paard niet snel in tempo, maar heeft deze wel heel veel uithoudingsvermogen.
Door het kruisen met andere rassen kwam er ook wat meer tempo en variatie in de gangen. Zo ontstond het wat snellere Camargue paard, die nog steeds zijn primitieve kenmerken behield.
Hedendaags wordt het Camargue paard gebruikt voor ritten voor toeristen in berggebieden, moerasgebieden en op de stranden. Het zijn namelijk erg betrouwbare paardjes voor die gebieden en dankzij hun uithoudingsvermogen en aanpassingsvermogen is het dus de perfecte partner op een lange rit. Ook worden ze nog steeds voor het veedrijven gehouden. De veehouders worden ook wel Gardians genoemd. Ook camargue races worden veel gereden door de bevolking in het zuiden van Frankrijk, zowel door jong als oud. In Frankrijk worden de paarden bereden met een zadel wat speciaal ontworpen is voor de Camargue paarden, het wordt dan ook gewoon een selle de la camargue genoemd.
Uiterlijke kenmerken van de Camargue:
Een Camargue pony heeft meestal een "geitenbaard", lange ruwe haren die vanaf de wagen tot aan de onderlip groeien. De oren zijn kort en staan ver uit elkaar, de ogen groot en sprekend. Het hoofd doet zwaar aan en is hoekig met vaak een ramsneus. De manen en staart zijn dik en lang. De hals is meestal recht en kort, maar ze hebben ook weleens een hertenhals. De borst is breed en diep, en de schouders zijn kort en recht.
Ze hebben een hele lage schoft die vaak niet zichtbaar is. De benen van een camargue pony zijn in verhouding lang, met stevige gewrichten en harde hoeven. waardoor er vaak besloten wordt een camargue pony niet te beslaan. De rug is sterk en gespierd met een kort smal kruis. De meest voorkomende kleur bij een camargue pony is schimmel echter kan er wel eens een andere kleur voorkomen. De hoogte varieert van 1,36m tot 1,45m.

foto's: www.agraria.org, www.sputnik.info, www.cheval-elevage.com.