FOKKEN

 

Veel mensen zouden graag een veulentje fokken bij hun merrie. En wat is er nou leuker als zo'n klein, beweeglijk, lief ding in de wei te hebben lopen!!

Maar er komt erg veel kijken bij het fokken van een veulentje. Je zult eerst een goede hengst bij je merrie moeten zoeken, dan moet ze gedekt worden, daarna zul je regelmatig je dierenarts over de vloer krijgen, om te scannen of op te voelen. Kijken of alles wel goed gaat. Tegen de tijd dat het veulentje geboren moet worden, zul je veel slapeloze nachten hebben, omdat je je merrie in de gaten moet houden. Tijdens de bevalling kan er wel eens wat misgaan, dus het is handig, als je erbij bent en indien nodig meteen ook de dierenarts kunt bellen. De eerste dagen na de bevalling, zul je het veulen en de moeder ook goed in de gaten moeten houden. En natuurlijk moet ook dan de dierenarts weer komen, om het veulen zijn eerste spuitjes te geven. 

Kortom: Een veulentje fokken is een heel karwei, er komt veel bij kijken.


Whata Smooth Hint

De merrie

Je hebt een merrie, en daar zou je graag een veulentje bij fokken, maar is je merrie wel geschikt??
De merrie moet natuurlijk niet te jong zijn, maar met een oude merrie die nog nooit een veulen heeft gehad, kun je ook problemen krijgen.
Wat voor achtergrond heeft de merrie? Wat voor papier/ras? Zit de merrie voor haar ras goed in elkaar, oftewel: voldoet ze aan de rasstandaard? Allemaal vragen die je moet stellen, voordat je gaat zoeken naar een hengst.
Heeft de merrie geen erfelijke gebreken? Want dan kun je het hele veulenverhaal maar beter vergeten.

Wat heel belangrijk is, dat je niet alleen een goede hengst bij de merrie zoekt , maar voordat je uberhaubt aan fokken begint, eerst kritisch naar je merrie kijkt en je goed afvraagt of je een fokwaardige merrie hebt.  Niet alleen de kwaliteit van de hengst is belangrijk, maar ook die, juist die, van de merrie.

De hengst

Weet je na alle voorgaande vragen zeker dat je met je merrie kunt en wil gaan fokken, dan kun je op zoek gaan naar een hengst.
Kijk goed naar je merrie, naar de afkomst, en kijk welke hengst bij je merrie past. Je kunt ook hulp vragen. (bv. op het forum).

Ook bij de hengst geldt natuurlijk: Heeft hij geen erfelijke gebreken? Bij quarters en paints is het nog niet gebruikelijk dat ze röntgenologisch gekeurd zijn. Let hier dus op!

Heb je bijvoorbeeld een quarter-merrie, maar je zou graag een paintveulen krijgen. Dan zul je op zoek moeten naar een painthengst. Maar niet elke hengst vererft zijn bonte aftekening 100%, sommige wel, als je dat belangrijk vind, ga dan op zoek naar een hengst die dat wel doet. Je hebt anders ook kans op een egaal veulen die bij de Paints ingeschreven wordt onder de Breedingstocks. Met deze paarden kun je wel wedstrijden doen, maar aan minder klasses deelnemen.

Ander voorbeeld: je hebt een Paint-merrie, of de hengst nu quarter of paint is, het veulen zal altijd in het Paint-stamboek ingeschreven moeten worden. Kies je hier voor een Paint-hengst, dan heb je nog het verschil in patronen, waarbij je moet oppassen voor OLWS (Overo Lethal White Syndrome). Meer uitleg hierover vind je onder medisch. Of klik hier.

Verder is het natuurlijk bij ieder ras belangrijk, of je merrie en hengst qua afkomst bij elkaar passen.

Voordat je gaat dekken

Heb je een passende hengst gevonden, dan ga je eerst nog een hele papierhandel krijgen, voordat de uiteindelijke dekking plaats vind. Er zijn verschillende mogelijkheden als je merrie bv. na dekking gust blijkt, dat je een gratis nieuwe dekking krijgt, of je geld terug. Sommige hengstenhouders geven een levend-veulen-garantie. Zoek dit allemaal goed uit. En laat je goed inlichten, want als er iets mis is, en er is niets geregeld, dan heb je pech, en geen veulen.

Natuurlijk of insemineren

Dit is meestal aan de hengstenhouder.
Wordt het een natuurlijke dekking, dan kan het zijn dat de hengstenhouder een aantal keer met de hengst langskomt, als de merrie hengstig is. Maar meestal zul je met je merrie naar de hengst toe moeten. Een goede hengstenhouder heeft dan een box, waar je merrie tijdens haar hengstigheid kan blijven, zodat ze meerdere keren gedekt kan worden.
Met insemineren komt de dierenarts of inseminator, om het diepvries-sperma of vers sperma in te brengen bij de merrie. Je kunt het evt. zelf gaan halen, en dan dezelfde dag door de dierenarts laten inbrengen. De dierenarts zal de merrie dan ook eerst scannen of opvoelen om te kijken of het echt de goede tijd is voor de dekking.

Dracht

Je kunt de merrie het beste tussen 16-18 dagen na de dekking of inseminatie laten scannen ivm. met controle op tweeling dracht, dan kan er nog wat aan gedaan worden. Daarna kun je op 30 en 45 dagen nog een keer laten scannen, zodat je nog met haar terug naar de hengst kunt, mocht ze niet (meer) drachtig zijn. Als je de merrie goed kan schouwen, is dat laatste natuurlijk niet nodig.

Tot het moment van het veulenen zijn er over het algemeen weinig problemen. Door de merrie 4 - 6 weken voor het veulenen in te enten zorg je er voor dat het veulen met de biest extra antistoffen meekrijgt. Als de merrie is uitgeteld is het belangrijk haar goed in de gaten te houden om bij een eventueel probleem tijdens de bevalling in aktie te kunnen komen.
Een camera of Birth-alarm kan dan handig zijn. Birth-alarm is een singel met een aparaatje erop dat waarschuwt als de bevalling begint.

Klik hier voor het geboortedatum-bereken-programma.

De geboorte

De geboorte bij het paard verloopt snel en vaak is het veulen al geboren voor je er erg in hebt.
De nageboorte moet er binnen 6 - 8 uur na de geboorte van het veulen afkomen. Als dit blijft zitten kan de merrie erg ziek worden. De nageboorte moet er uit zien als een broek met dichte broekspijpen, als dat niet het geval is dan kan er nog een stukje nageboorte achter zijn gebleven wat dan verwijderd moet worden.
In de dagen na de geboorte mogen er nog wel kleine beetjes helder tot wit vocht uit de vagina komen. Als het er gelig uitziet of niet fris ruikt dan heeft de merrie waarschijnlijk een ontsteking en moet de dierenarts komen.


 

Bij het pas geboren veulen kan het nodig zijn slijm uit de mond te halen en de navel te desinfecteren met betadine of jodium. Het is niet nodig de navelstreng door te knippen, deze breekt als de merrie opstaat. Vrijwel direkt na de geboorte moet het veulen al willen opstaan. Dit is een indicatie dat de coördinatie goed is, maar het is ook van levensbelang omdat het veulen bij de merrie moet drinken om voldoende biest binnen te krijgen. Ieder veulen wordt namelijk geboren met een afweersysteem dat onvoldoende ontwikkeld is. Voor de afweer is het de eerste dagen volledig afhankelijk van de antistoffen uit de biestmelk (colostrum). Een onvoldoende hoeveelheid of een lage kwaliteit biestmelk leidt vaak tot infecties en ziekten die een nadelige invloed kunnen hebben op de verdere ontwikkeling van het veulen. Ook de afdrijving van de darmpek (de eerste mest) wordt dan steeds moeilijker. In de eerste dagen na de geboorte moet het veulen zich attent en levendig gedragen, een schone neus en ogen hebben, niet hoesten en niet kreupel lopen. Om in de eerste dagen extra bescherming te bieden tegen ziektes is het verstandig het veulen een veulenprik te laten geven en een vitaminenkuur.

Zo rond de tiende dag na de geboorte krijgen veulens vaak diarree. Of dit nu komt omdat de merrie dan hengstig is, of door een worminfectie daarover zijn de deskundigen het niet eens. Zowel het veulen als de merrie moeten dan ontwormt worden. Als de geboorte normaal is verlopen dan mag de merrie in deze veulenhengstigheid weer gedekt worden.

Voeding tijdens de dracht en na het veulenen.

Tijdens de eerste 8 maanden van de dracht kan de merrie volstaan met het normale rantsoen. Pas in de laatste 3 maanden vraagt de groei van het veulen zo veel meer, dat het rantsoen moet worden aangepast. Behalve een eiwitrijk rantsoen, zijn ook extra kalk ,fosfor en vitamine A en vitamine D noodzakelijk voor de botontwikkeling van het nog ongeboren veulen. Deze kruiden helpen bij de reiniging van het lichaam en ondersteunen de melkproductie. Zodra het veulen geboren is, neemt de behoefte aan voedingsstoffen bij de merrie nog meer toe; haar energie- en eiwitbehoefte stijgen en worden vergelijkbaar met die van een sportpaard in zware training. Als uw zogende merrie een basisbrok of granenmix krijgt, is het raadzaam om een vitaminen- en mineralensupplement toe te voegen.

Verder..

is het verstandig veulens om de twee maanden te ontwormen tegelijk met de merrie. Vanaf 8 weken leeftijd moet de hoefsmid regelmatig beoordelen of er iets aan de hoeven van het veulen gedaan moet worden, afwijkende standen zijn nu nog gemakkelijk te corrigeren. Op een leeftijd van 4 tot 6 maanden mag het veulen gespeend worden, dit is tevens het moment om het zijn eerste Influenza-Tetanus vaccinatie te geven.

En geniet van je veulen!!



Klik